Overweging van de week

Zondag 24 door het jaar in jaar A

13 september 2020

Voor pdf klik hier

Evangelie

Matteüs 18: 21-35bijbel
In die tijd kwam Petrus naar Jezus toe en sprak: ‘Heer, als mijn broeder tegen mij misdoet, hoe dikwijls moet ik hem dan vergeven? Tot zevenmaal toe?’ Jezus antwoordde hem: ‘Neen, zeg Ik u, niet tot zevenmaal toe maar tot zeventig maal zevenmaal. Daarom gelijkt het Rijk der hemelen op een koning die rekening en verantwoording wilde vragen aan zijn dienaren. Toen hij hiermee begon, bracht men iemand bij hem die tienduizend talenten schuldig was. Daar hij niets had om te betalen, gaf de heer het bevel hem te verkopen met vrouw en kinderen en al wat hij bezat om zo de schuld te vereffenen. Maar de dienaar wierp zich voor hem neer en smeekte: Heer, heb geduld met mij en ik zal u alles betalen. De heer kreeg medelijden met die dienaar, liet hem gaan en schold hem de geleende som kwijt. Maar toen die dienaar buiten kwam, trof hij daar een andere dienaar die hem honderd denariën schuldig was; hij greep hem bij de keel en zei: ‘Betaal wat je schuldig bent’. De andere dienaar wierp zich voor hem neer en smeekte: Heb geduld met mij en ik zal u betalen. Maar hij weigerde en liet hem zelfs in de gevangenis zetten, totdat hij zijn schuld betaald zou hebben. Toen nu de overige dienaars zagen wat er gebeurd was, waren zij diep verontwaardigd en gingen hun heer alles vertellen. Daarop liet de heer de dienaar roepen en sprak: Jij, lelijke knecht, heel die schuld heb ik je kwijtgescholden, omdat je mij erom gesmeekt hebt. Had jij dan ook geen medelijden moeten hebben met je mededienaar, zoals ik met jou medelijden heb gehad? En in toorn ontstoken, leverde zijn heer hem over aan de beulen, totdat hij zijn hele schuld betaald zou hebben. Zo zal ook mijn hemelse Vader met ieder van u handelen die niet zijn broeder van harte vergiffenis schenkt’.

Overweging in Dokkum door Ann Dikhoff-Pollmann

preekstoelMijn blad is nog leeg. Daar zal denk ik heel snel verandering in komen. Het thema die dit weekend vanuit Berne-Heeswijk heeft meegekregen roept bij mij de reactie op:
Yes, mooie titel, die inspireert me. Vergeven om te helen is daarom nu ook het thema van deze viering.
Vergeven om te helen.
Daarover heb ik zitten nadenken, toen bij de instuif en later thuis.
Kun je vergeven aan wie je helemaal niet kent?
Je kunt ergens wel iets van vinden, maar dat is geen vergeven.
Wát is vergeven dan wel?
Het staat voor mij vast dat het best heel moeilijk is om echt te vergeven, om dat wat gebeurd is als afgedaan te zien en te voelen en daarnaar te handelen.
Aan vergeven zitten verschillende kanten: je kunt vergeving vragen aan de ene kant; je kunt vergeving schenken aan de andere kant. In zo’n situatie reageren twee mensen op elkaar, er is een wisselwerking tussen hen.
Wie vergeving vraagt maakt zich klein, is kwetsbaar. Komt het weer goed met ons? Wat krijg je er voor terug? Ik denk : hernieuwde vriendschap.
De andere kant; vergeving schenken, dat doe je aan een persoon, niet aan een anonieme groep. Vergeving schenken is ook moeilijk, je geeft iets aan een ander, maar accepteert die ander jouw gift? Hij is dan wel fout geweest, maar ga ik zelf vrijuit?

De evangelielezing van vandaag is een gedeelte uit wat wel de ‘kerkrede’ van het Matteüs evangelie wordt genoemd. Jezus vertelt hóe zijn volgelingen als gemeenschap zullen moeten leven. Kerk in kerkrede is dus een groep gelovigen, geen kerkgebouw.
Ik citeer nu Jean Bastiaens die zegt: ‘Waar mensen als groep bijeen komen en aan hetzelfde project werken, zullen er ook altijd conflicten zijn. Dat hoort erbij, die helpen de gemeenschap om te groeien. Toch gaat het in deze lezing om nog iets anders. Wie het evangelie als leidraad voor zijn leven neemt, loopt ook het gevaar er tegen te zondigen (niet te voldoen aan die leidraad).
Jezus vraagt van ons een ongeëvenaarde alertheid om op dit punt eerlijk en gewetensvol met elkaar om te gaan. Omdat de christelijke gemeenschap bestaat bij de gratie van volkomen gelijkwaardigheid, spreken we elkaar aan als ‘zusters’ en ‘broeders’’. Einde citaat. Dat is voor mij: een beetje Rijk van God op aarde.

Paulus geeft ons in de tweede lezing een belangrijke reden waarom we elkaar moeten kunnen vergeven: het is de eis van de liefde.
Bemin uw naaste als uzelf.
Niemand leeft voor zichzelf alleen.

Petrus is een vlugge denker en geeft snel zijn reactie. Daarom vraagt hij: ‘Hoe vaak moet ik mijn broeder vergeven?’
Zeventig maal zeven maal! Dat is eindeloos vaak. Je kunt ook zeggen: vergeven doe je altijd! Dan blijf je zusters en broeders van elkaar.

In Pax, het magazine van de Vredesbeweging, las ik het artikel met de titel: Zie elkaar als mens, erken racisme, vergeef en verzoen.
Het is een interview met Babah Tarawally. Hij is gevlucht uit Sierra Leone, hij is activist en schrijver. Het boek van hem uit 2018: Gevangen in zwart-wit denken, is lovend ontvangen en nu al toe aan de vijfde druk. In dit boek zoekt hij op basis van persoonlijke ervaringen en filosofische inzichten een uitweg uit het wij/zij denken.
In een column in Trouw schrijft hij: ‘Ik wil autonoom blijven denken’.

De interviewer vraagt: ‘Klopt het dat sommigen jouw aanpak van racisme niet radicaal genoeg vinden?’
Zijn antwoord is: ‘De zwarte gemeenschap kan mij niet helemaal plaatsen. Ze zeggen: Babah, je moet kiezen, je moet aan één kant staan’. Maar zwart zijn is geen uniform. Niet alle zwarte mensen denken hetzelfde over de aanpak van racisme.
Volgende vraag: ‘Hoe zie jij het racisme debat zich ontwikkelen op dit moment?’
‘We zitten in de kwartfinale. Er is meer bewustwording binnen organisaties, bedrijven, overheid en politiek. Bijna niemand zegt nog dat racisme niet bestaat, zelfs Rutte heeft zijn visie bijgesteld. Maar sommigen, zowel zwart als wit, gaan de strijd nog harder aan. Sommige zwarte mensen blijven boos omdat hen in het verleden heel veel pijn en onrecht is aangedaan. En sommige witte mensen vonden dat Zwarte Piet geen racisme is. Daarom zijn er twee dingen nodig: het systemische racisme in organisaties, instituten, leger, politie, gezondheidszorg, onderwijs en uitzendbureaus moet verdwijnen. En tegelijkertijd moeten we ons verzoenen met het feit dat racisme er altijd zal zijn’.
Vraag: ‘Waarom denk je dat?’
Mensen zijn groepsdieren. We hebben verschillen nodig om onszelf te plaatsen en bepaalde mensen geef je voorrang. Daarbij maken we soms verkeerde inschattingen over ‘anderen’.
Een jaar geleden kwam een Indiase man boos naar me toe op de sportschool. ‘Heb je mijn mobiel gezien?’
Er waren veel mensen aanwezig, toch sprak hij míj aan, de enige zwarte man.
Ik zei: ‘Nee, niet gezien, wil je die van mij gebruiken om je telefoon te bellen?’
Zijn telefoon lag vlakbij. De man schaamde zich, verontschuldigde zich en we raakten in gesprek. Inmiddels zijn we bevriend en werken samen aan een project om jongeren te trainen.
Vraag: ‘Wat wil je bereiken met je columns in Trouw?’
‘Ik heb een hele luxe positie met de column. Ik wil mensen, ook witte, het gevoel geven dat zij onderdeel zijn van het probleem én de oplossing. Daarom leg ik mijn oor ook goed te luisteren bij hen. Ik weet dat er altijd een andere kant is’.
Een eind verder in dit interview zegt Babah nog: ‘Zwarte mensen werden slaaf gemaakt toen witte mensen besloten dat zwarte mensen geen mens zijn. Als je gaat geloven dat de ander geen mens is, ben je tot veel in staat’.

Zo kom ik bij Jezus Sirach: ‘Als iemand die zelf maar een mens is, in zijn wrok volhardt, wie zal dan verzoening bewerken voor zijn zonden?’
En ook bij de vraag van Petrus: ‘Heer, als mijn broeder tegen mij misdoet, hoe dikwijls moet ik hem dan vergeven?’
En tot slot bij de dienaren: zie je medemens als mens, behandel hem zoals je zelf behandeld zou willen worden. Ben ‘zuster’ en ‘broeder’ voor elkaar. Een beetje Rijk van God op aarde.

Ter overdenking

Gij rekent erop, God, dat wij bereid zijn
elkaar van harte te vergeven.
Wij danken U voor de ruimhartigheid
waarmee Gij ons tijd en ruimte gunt,
tot zeventig maal zeven maal.

Vergevingsgezindheid, God,
is in uw ogen een groot goed.
Wij danken U voor allen die, daarvan overtuigd,
ons falen tegenover hen met mildheid willen beantwoorden.

Gemeenschapszin, God,
is in uw ogen een groot goed.
Wij danken U voor allen, die, geraakt door Jezus' Woorden,
Hem willen navolgen in daden van gemeenschap.

Wij danken U, God, voor alle mildheid
die wij ooit mochten ervaren
van U en van de mensen om ons heen.
Inspireer ons daardoor om met Jezus' ruimhartigheid
elkaar bemoedigend tegemoet te blijven treden.

naar J. Verhees

 

 

Bergum

Burgum

Dokkum

Dokkum

schiermonnikoog

Schiermonnikoog

Newreader

Inhoudsopgave