Pastorale brief 2

Vorige week hebben pastor Paul en ikzelf voor de eerste keer een Pastorale brief geschreven in deze tijd waarin wij elkaar, vanwege de veiligheidsmaatregelen rond het Corona-virus, niet in de kerk of anderszins kunnen ontmoeten. Wij hebben deze brief verspreid via de website en via een link in de Zondagskrant. Deze week zullen wij de brief daarnaast ook verzenden naar alle mailadressen die wekelijks de Zondagskrant ontvangen.

Sinds vorige week heeft de bisschoppenconferentie, in aansluiting bij de maatregelen van de burgerlijke overheid, alle publieke liturgische vieringen voor de gehele Paastijd, tot en met Pinksteren (op 31 mei) afgelast. Besloten vieringen zijn alleen nog mogelijk in aanwezigheid van de daarvoor strikt noodzakelijke bedienaren en zonder deelname van andere gelovigen. Voor uitvaarten gelden uitzonderingsmaatregelen, de katholieke kerk volgt hierin grotendeels het beleid van de Uitvaartsector. Pastor Paul en pastor Jan nemen zich voor om, zoveel als mogelijk, op zondag Eucharistie te vieren, vooralsnog in de kerk in Dokkum. Eventuele intenties kunnen per mail, of eventueel telefonisch, doorgegeven worden aan pastor Paul. Jullie kunnen helaas niet in persoon aanwezig zijn bij deze viering, maar jullie zullen -in onze gedachten- bij ons aanwezig zijn.

Wij sturen deze Pastorale brief om contact met jullie te houden en het geloofsleven in deze spanningsvolle tijd te ondersteunen. Wij willen jullie ook laten weten dat hartjebriefjullie alle dagen in onze gedachten en gebeden zijn.
Deze brief bevat: - korte informatie over de Eucharistieviering op zondag, - een gebed, - de Evangelielezing van de zondag, - een overweging door één van de pastores en - een rubriek ‘tekens van hoop en troost’. Deze rondzendbrief is een ‘werk in uitvoering’, misschien is het wenselijk om hier -in de loop van de tijd- wat dingen aan te veranderen. Misschien willen jullie ook zelf iets met ons delen. Als jullie suggesties hebben, horen wij die graag.

(Tussen haakjes: Misschien kennen jullie mensen die deze rondzendbrief graag zouden lezen en die geen toegang hebben tot internet. Zouden jullie dan, als dat kan, deze tekst willen uitprinten en bij hen in de bus gooien. Alvast onze hartelijke dank).
Printversie kun je hier downloaden.

Mede namens pastor Paul Verheijen wens ik jullie een goede week. Mocht iemand behoefte hebben aan contact, weet dan dat jullie ons altijd kunnen bellen of mailen:
pastor Paul: 0519 292476, Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
pastor Jan: 06 8386 8271, Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Gebed
Deze week een gebed rond de huidige situatie van de hand van theoloog en leken-dominicaan prof.dr. Erik Borgman:

U, God van leven,
die het welzijn wil van mensen
en niet hun ongeluk, niet hun dood,
wees ons nabij en draag ons.

Wees ons nabij nu wij bezorgd zijn
over de gezondheid van elkaar,
over de gezondheid van onze naasten,
over de gezondheid van onszelf.

Draag ons als wij zorg dragen
voor het welzijn van elkaar,
voor het welzijn en de genezing van onze naasten,
voor onze eigen genezing.

Wees nabij en draag hen die onder ogen moeten zien
dat zij een naaste kunnen verliezen aan de dood,
dat zij een geliefde uit handen zullen moeten geven,
dat zij niet aanwezig kunnen zijn bij de uitvaart van een vriend of vriendin.

Gedenk de stervenden,
gedenk de gestorvenen,
gedenk dat U hoe dan ook
een God van levenden bent.

Doe al Uw mensen opstaan
in de kracht van Uw levengevende Geest,
in de naam van Jezus de Verrezene,
in het licht van Uw aanwezigheid.

Amen.

Het Evangelie van de vijfde Zondag in de Veertigdagentijdbijbel
Johannes 11: 1-45 (Nieuwe Bijbelvertaling, 2005)

Er was iemand ziek, een zekere Lazarus uit Betanië, het dorp waar Maria en haar zuster Marta woonden – dat was de Maria die Jezus met olie gezalfd heeft en zijn voeten met haar haar heeft afgedroogd; de zieke Lazarus was haar broer. De zusters stuurden iemand naar Jezus met de boodschap: ‘Heer, uw vriend is ziek.’ Toen Jezus dit hoorde zei hij: ‘Deze ziekte loopt niet uit op de dood, maar op de eer van God, zodat de Zoon van God geëerd zal worden.’ Jezus hield veel van Marta en haar zuster, en van Lazarus. Maar toen hij gehoord had dat Lazarus ziek was, bleef hij toch nog twee dagen waar hij was. Daarna zei hij tegen zijn leerlingen: ‘Laten we teruggaan naar Judea.’ ‘Maar rabbi,’ protesteerden de leerlingen, ‘de Joden wilden u stenigen, en nu wilt u daar toch weer naartoe?’ Jezus zei: ‘Telt een dag niet twaalf uren? Wie overdag loopt, struikelt niet, want hij ziet het licht van deze wereld, maar wie ’s nachts loopt, struikelt doordat hij geen licht heeft.’ Nadat hij dat gezegd had zei hij: ‘Onze vriend Lazarus is ingeslapen, ik ga hem wakker maken.’ De leerlingen zeiden: ‘Als hij slaapt, zal hij wel beter worden, Heer.’ Zij dachten dat hij het over slapen had, terwijl Jezus bedoelde dat hij gestorven was. Toen zei hij hun ronduit: ‘Lazarus is gestorven, en om jullie ben ik blij dat ik er niet bij was: nu kunnen jullie tot geloof komen. Laten we dan nu naar hem toe gaan.’ Tomas (dat betekent ‘tweeling’) zei tegen de anderen: ‘Laten ook wij maar gaan, om met hem te sterven.’
Toen Jezus daar aankwam, hoorde hij dat Lazarus al vier dagen in het graf lag. Betanië lag dicht bij Jeruzalem, op een afstand van ongeveer vijftien stadie, en er waren dan ook veel Joden naar Marta en Maria gekomen om hen te troosten nu hun broer gestorven was. Toen Marta hoorde dat Jezus onderweg was ging ze hem tegemoet, terwijl Maria thuisbleef. Marta zei tegen Jezus: ‘Als u hier was geweest, Heer, zou mijn broer niet gestorven zijn. Maar zelfs nu weet ik dat God u alles zal geven wat u vraagt.’ Jezus zei: ‘Je broer zal uit de dood opstaan.’ ‘Ja,’ zei Marta, ‘ik weet dat hij bij de opstanding op de laatste dag zal opstaan.’ Maar Jezus zei: ‘Ik ben de opstanding en het leven. Wie in mij gelooft zal leven, ook wanneer hij sterft, en ieder die leeft en in mij gelooft zal nooit sterven. Geloof je dat?’ ‘Ja Heer,’ zei ze, ‘ik geloof dat u de messias bent, de Zoon van God die naar de wereld zou komen.’
Na deze woorden ging ze terug, ze nam haar zuster Maria apart en zei: ‘De meester is er, en hij vraagt naar je.’ Zodra Maria dit hoorde ging ze naar Jezus toe, die nog niet in het dorp was, maar op de plek waar Marta hem tegemoet was gekomen. Toen de Joden die bij haar in huis waren om haar te troosten, Maria zo haastig zagen weggaan, liepen ze achter haar aan, want ze dachten dat ze naar het graf ging om daar te weeklagen.
Zodra Maria op de plek kwam waar Jezus was en hem zag, viel ze aan zijn voeten neer. Ze zei: ‘Als u hier was geweest, Heer, zou mijn broer niet gestorven zijn!’ Jezus zag hoe zij en de Joden die bij haar waren weeklaagden, en dat ergerde hem. Diep bewogen vroeg hij: ‘Waar hebben jullie hem neergelegd?’ Ze zeiden: ‘Kom maar kijken, Heer.’ Jezus begon ook te huilen, en de Joden zeiden: ‘Wat heeft hij veel van hem gehouden!’ Maar er werd ook gezegd: ‘Hij heeft de ogen van een blinde geopend, hij had nu toch ook de dood van Lazarus kunnen voorkomen?’ Ook dit ergerde Jezus. Hij liep naar het graf, een spelonk met een steen voor de opening. Hij zei: ‘Haal de steen weg.’ Marta, de zuster van de dode, zei: ‘Maar Heer, de stank! Hij ligt er al vier dagen!’ Jezus zei tegen haar: ‘Ik heb je toch gezegd dat je Gods grootheid zult zien als je gelooft?’ Toen haalden ze de steen weg. Daarop keek hij omhoog en zei: ‘Vader, ik dank u dat u mij hebt verhoord. U verhoort mij altijd, dat weet ik, maar ik zeg dit ter wille van al die mensen hier, opdat ze zullen geloven dat u mij gezonden hebt.’ Daarna riep hij: ‘Lazarus, kom naar buiten!’ De dode kwam tevoorschijn, zijn handen en voeten in linnen gewikkeld, en zijn gezicht bedekt door een doek. Jezus zei tegen de omstanders: ‘Maak de doeken los, en laat hem gaan.’
Veel Joden die naar Maria toe gekomen waren en gezien hadden wat Jezus deed, kwamen tot geloof in hem.

Overweging door pastor Jan

preekstoelI.
‘Er was iemand ziek, een zekere Lazarus uit Betanië’. Zoals vele van jullie misschien al weten hebben bijbelse namen vaak een betekenis. Over de betekenis van ‘Betanië’ is enige discussie onder bijbelgeleerden, maar waarschijnlijk betekent ‘Betanië’ ‘huis van verdriet’. En met die naam ‘huis van verdriet’ is de verbinding tussen het Evangelie van toen en onze situatie hier-en-nu meteen gelegd.

In ons persoonlijk leven en ons kerkelijk leven zien wij om naar elkaar, hebben wij aandacht voor elkaar, zijn wij elkaar nabij in de wederwaardigheden van het leven. Juist die aandacht en nabijheid worden door de huidige crisis op hun kop gezet. Dat maakt ons allemaal onzeker en angstig, het maakt mensen -elk in haar of zijn eigen huis- eenzaam en verdrietig. Onze huizen zijn in deze tijd voor velen tot een nieuw Betanië, tot ‘huis van verdriet’ geworden.

II.
En in deze tijd van verdriet wordt ons, in dit lange Evangelie van de zondag, het verhaal voorgehouden dat bekend staat als ‘de opwekking van Lazarus’. Als je de tekst goed bekijkt zul je meteen opmerken dat de opwekking van Lazarus door Jezus maar een klein deel is van dit verhaal. Het wonder van de opwekking van Lazarus is weliswaar het hoogtepunt van het verhaal, maar niet het middelpunt. De gesprekken die Jezus voert met Marta en Maria, terwijl Hij onderweg is naar het graf van Lazarus, staan centraal in het verhaal. Deze gesprekken zijn erop gericht de lezer te laten zien dat het in het verhaal niet in de eerste plaats om een medisch wonder gaat, maar dat de opwekking dient als een demonstratie van Gods kracht ten leven.

De kern van het verhaal ligt in het gesprek tussen Marta en Jezus. Marta’s openingswoorden drukken zowel een klacht als vertrouwen uit: ‘Als u hier was geweest, Heer, zou mijn broer niet gestorven zijn. Maar zelfs nu weet ik dat God u alles zal geven wat u vraagt.’ Marta’s sterke geloof geeft haar de kracht openhartig met Jezus te spreken. En Jezus belooft Marta dat Lazarus weer zal opstaan, maar Marta begrijpt Hem verkeerd, zij denkt dat Jezus spreekt over de opstanding aan het Einde der tijden. Jezus zegt vervolgens tegen Marta: ‘Ik ben de opstanding en het leven. Wie in mij gelooft zal leven, ook wanneer hij sterft, …’. Jezus daagt Marta uit om anders te gaan denken, om de in die tijd gebruikelijke denkpatronen te verlaten. De overwinning op de dood, het nieuwe leven waar Jezus over spreekt, is -voor iedereen- in de persoon van Jezus beschikbaar. Nu al en niet alleen in een verre toekomst. Het vergt alleen een radicaal andere manier van denken, een andere manier van tegen de werkelijkheid aankijken. Het vergt geloof.

De kern van het verhaal over de opwekking van Lazarus ligt niet in het wonderverhaal, maar in de volheid van het nieuwe leven, waaraan wij allemaal deel kunnen hebben. De twee vrouwen, Marta en Maria leven het ons voor: zij nemen het initiatief om Jezus te laten komen, zij tonen Hem hun geloof en vertrouwen, zij brengen hun pijn en verdriet naar Jezus, zij zijn bereid om met Jezus een gesprek aan te gaan over leven, dood en geloof en tenslotte: zij hebben een onwankelbare liefde voor Jezus. Marta en Maria staan daarom model voor de manier waarop mensen worstelen om zichzelf te bevrijden van de machten van dood en duisternis, die hen bepalen en beperken. Marta en Maria komen in beweging om de nieuwe beloften en mogelijkheden voor het leven, die Jezus aanbiedt, aan te grijpen.

III.
Wat kunnen wij met dit verhaal in ons hier-en-nu, in ons eigen ‘huis van verdriet’, wat kunnen wij met dit verhaal nu wij elkaar niet langer nabij kunnen zijn, zoals wij graag zouden willen, wat kunnen wij met dit verhaal als wij onzeker zijn en angstig, als wij ons eenzaam voelen of verdrietig.

Iedere crisis biedt ons altijd weer kans op bezinning en op nieuwe uitdagingen. Het verhaal van de opwekking van Lazarus is een weg door een diepe crisis heen naar nieuw leven. Wij worden opgeroepen om ons aan te sluiten bij Marta en Maria, wij worden opgeroepen om ons te verzetten tegen de machten van dood en duisternis, om ons teweer te stellen tegen gevoelens van angst en eenzaamheid. Wij worden uitgenodigd te kiezen voor het leven. Dat kunnen wij doen door te zien naar de positieve tekens in onze omgeving, door onszelf op een positieve manier in te zetten voor onze medemensen.

Op kleine schaal merken we hopelijk allemaal dat er in onze buurt meer naar elkaar wordt omgezien. Maar ook op grote schaal zijn er hoopvolle tekens: Als alles in de samenleving loopt zoals het altijd loopt let je er misschien niet op. Maar de afgelopen weken ben ik onder de indruk geraakt van de motivatie en de inzet van zorgmedewerkers, van artsen, verpleegkundigen, schoonmakers, thuiszorgmedewerkers, laboranten en technici, die nu massaal alles op alles zetten om de verwachte toevloed aan patiënten het hoofd te bieden en iedereen de best mogelijke zorg te geven. De afgelopen weken ben ik onder de indruk geraakt van de creativiteit en de flexibiliteit van het onderwijzend personeel dat nieuwe wegen zocht en vond om ‘hun’ leerlingen onder de huidige omstandigheden nog zo veel mogelijk en zo goed mogelijk onderwijs te geven. En op deze manier zou ik nog even door kunnen gaan. Je ziet het alleen als je het wilt zien en het kunt zien.

Vandaag, op weg naar Pasen, vraagt Jezus aan ons: Durf jij uit jouw ‘huis van verdriet’ op te staan en weer vooruit te kijken? Durf jij, midden in de winter, te geloven dat het weer lente zal worden? Durf jij te geloven dat angst en verdriet minder worden als je ze samen deelt? Durf jij te geloven dat de wereld beter wordt als mensen samenwerken, als mensen elkaar helpen?
Het kan, als wij erin geloven, als wij doen wat Jezus ons heeft voorgedaan.

Amen.

Tekens van hoop en troost door pastor Jan

Ook deze week zijn er weer hartverwarmende tekens van troost en hoop te melden. Ook afgelopen woensdag klonken, zoals op alle woensdagen zolang deze crisis voortduurt, van 19.00 tot 19.15 uur de klokken van vele, zo niet alle kerken. Zij brengen een boodschap van hoop en troost, een boodschap van bemoediging en perspectief aan mensen, over de grenzen van sociaal isolement heen.klokken
Afgelopen woensdag om 12.00 uur zond de Evangelische Omroep het wereldwijd bidden van het Onze Vader, onder leiding van de paus, rechtstreeks vanuit Vaticaanstad via een livestream uit. Een teken van eenheid tussen veelal verdeelde christenen.

Het ziekenhuis van Drachten, Nij Smellinghe, was één van de eerste ziekenhuizen die reageerde op een noodoproep, vrijdag 20 maart, van Brabantse ziekenhuisartsen dat zij met de rug tegen de muur stonden en dat de situatie op hun intensive-careafdelingen onhoudbaar werd. Vanuit Drachten bood men aan ernstig zieke patiënten uit Brabant over te nemen om zo de artsen in Brabant weer wat ‘lucht te geven’. En zo geschiedde. Uit dankbaarheid hiervoor stuurde een Tilburgse cultuurstichting 150 Bossche Bollen, van een gerenommeerde patisserie uit Den Bosch, naar Nij Smellinghe met de tekst: ‘Tige tank Fryslân foar de soarch foar de Brabânske pasjinten. Wy sille dit net ferjitte’. Een prachtig voorbeeld van solidariteit tussen landstreken en tussen ziekenhuizen en een mooi gebaar terug.

Ik zou zo nog een tijd door kunnen gaan. Gelukkig zorgen de nieuwskanalen ervoor om ook dit soort positief en ontroerend nieuws naar voren te brengen. Mocht je jezelf eenzaam of somber voelen, probeer dan ook dit soort nieuws te lezen en op je in te laten werken. Wij mogen ons blijvend laten leiden door de hoop, de christelijke hoop. Wat ons nu overkomt is echt en het is erg. Net als het gebeuren van Goede Vrijdag. Maar na Goede Vrijdag komt Pasen, onstuitbaar. Dat zal ook nu gebeuren, dat zal ook in deze situatie gebeuren. Ook wij zullen uit deze situatie opstaan, al weten wij nu nog niet wanneer.

Ter afsluiting: Via verschillende kanalen kregen pastor Paul en ik dezelfde tekst doorgestuurd. Het is een mooie en inspirerende tekst, geschreven door Susan Blanco (de Taalrecycler) die ik graag met jullie deel:

Maar de lente wist het niet …

Het was begin 2020 …
De mensen hadden een lange donkere winter achter de rug.
Februari was een hele onrustige maand geweest met veel stormen en veel regen.
De natuur was onrustig, alsof ze de mensen iets wilde vertellen,
alsof ze de mensen ergens voor wilde waarschuwen …
En toen werd het Maart …sneeuwklokje

Het was Maart 2020 …
De straten waren leeg, de meeste winkels waren gesloten,
de meeste auto’s stonden langs de kant van de weg,
de mensen kwamen bijna niet meer buiten en dat over de hele wereld.
Landen gingen op slot, de mensen konden niet geloven dat dit gebeurde,
het was zo surrealistisch … .
Iedereen wist wat er aan de hand was.

Maar de lente wist het niet … .
En de bloemen bleven bloeien.
En de zon scheen … .
De eerste mooie lentedag sinds lange tijd brak aan.
En de zwaluwen kwamen terug.
En de lucht werd roze en blauw.
Het werd later donker
en ’s ochtends kwam het licht vroeg door de ramen

Het was Maart 2020 …
De jongeren studeerden online, vanuit huis.
Kinderen speelden onvermijdelijk vooral in huis.
Pubers verveelden zich, ouders wisten niet wat te doen.
Mensen kwamen alleen even buiten om boodschappen te doen
of om de hond uit te laten.
Bijna alles was gesloten … .
Zelfs de kantoren, hotels, restaurants en bars.
Het leger begon uitgangen en grenzen te bewaken.
Mensen moesten vanuit huis gaan werken.
Ondernemers kwamen in de problemen.
De meeste kinderen konden niet meer naar school.
Er was ineens niet genoeg ruimte voor iedereen in ziekenhuizen,
operaties en onderzoeken werden uitgesteld … .
Iedereen wist het.

Maar de lente wist het niet … en het ontsproot.
Ze draaide onverstoorbaar haar jaarlijkse programma af.
Ze schonk ons haar mooiste bloemen en haar heerlijkste geuren.

Het was Maart 2020 …
Iedereen zat thuis in quarantaine, om gezondheidsredenen of preventief.
Sommige mensen mochten niet meer naar hun werk, anderen móesten.
Elkaar omhelzen, kussen of een hand geven was ineens een bedreiging.
Iedereen moest flinke afstand tot elkaar bewaren, dat was afschuwelijk.
In de supermarkt waren allerlei schappen leeg.
Allerlei leuke dingen gingen niet meer door,
daar werd een streep door gezet en niemand wist wanneer dat weer kon.
Mensen werden beperkt in hun vrijheid terwijl er vrede was.
Over de hele wereld werden veel mensen ziek en het was besmettelijk … .
Er was isolatie, ziekte en paniek … .
Toen werd de angst pas echt !!!

En de dagen zagen er allemaal hetzelfde uit … .
En de weken duurden ineens veel langer … .
En iedereen hoopte dat er niet nóg meer strenge maatregelen zouden volgen … .
De mensen zaten vast in een film en hoopten dagelijks op dé held … .
De wereld was vertraagd terwijl het geen vakantie was,
niemand had dit verwacht … .
Iedereen wist wat er gebeurde.

Maar de lente wist het niet … en de rozen bleven bloeien.
De magnolia stond in de knop.
De vogeltjes begonnen aan hun nestjes.

En toen …
Het plezier van koken en samen eten werd herontdekt.
Iedereen gaf elkaar tips over leuke dingen die je met je kinderen kon doen.
Er was weer tijd om te schrijven en te lezen,
mensen lieten hun fantasie de vrije loop
en verveling ontsproot in creativiteit.
Sommigen leerden een nieuwe taal.
Sommigen ontdekten kunst.
Sommigen ontdekten dat ze niet écht leefden
en vonden de weg naar zichzelf terug.
Anderen stopten met onwetend onderhandelen.
Iedereen had van de één op de andere dag veel meer tijd voor het gezin.
Eentje sloot het kantoor en opende een herberg met slechts vier mensen.
Anderen verlieten hun vastgeroeste relatie om de liefde van hun leven te vinden.
Anderen boden aan om voor kwetsbare mensen boodschappen te doen of te koken.
Iedereen wist ineens wat een ‘vitaal beroep’ was, deze mensen werden helden,
ze werden meer gewaardeerd dan ooit.
Anderen gingen op afstand muziek met elkaar maken
of zingen om op deze manier samen te zijn.
Mensen kregen oog voor eenzaamheid en verzonnen dingen om er iets aan te doen.
Mensen herstelden van hun stressvolle leven.
Mensen die elkaar niet kenden begonnen spontaan een praatje met elkaar.
Sommigen maakten vliegers van papier met hun telefoonnummer erop
zodat eenzame mensen ze konden bellen.
De overheid ging bedrijven en zelfstandigen helpen
zodat ze niet failliet zouden gaan of mensen zouden moeten ontslaan.
Gepensioneerde zorgpersoneel bood zichzelf aan om te helpen in de Zorg.
Uit alle hoeken kwamen vrijwilligers, iedereen wilde iets doen.
Om 20:00 uur s ‘avonds gingen mensen uit allerlei landen
klappen voor alle artsen, verpleegkundigen en zorgpersoneel
die keihard aan het werk waren om in de zorg alles draaiende te houden.

Het was het jaar waarin men het belang erkende van gezondheid en verbinding,
van saamhorigheid, van sociale contacten en misschien ook van zijn roeping,
dit deed iets met het collectieve bewustzijn, dit deed iets met alle mensen …
En de economie ging bijna kopje onder,
maar stopte niet, het vond zichzelf opnieuw uit.
Het was het jaar waarin de wereld leek te stoppen,
het jaar waarin we met elkaar in de geschiedenisboeken zouden komen … .
Dat wisten we allemaal.

En de lente wist het niet …
En de bloemen bleven bloeien, en de bomen liepen uit.
En het werd steeds warmer.
En er waren veel meer vogels.

En toen kwam de dag van bevrijding … .
De mensen keken tv en de premier vertelde iedereen dat de noodsituatie voorbij was.
En dat het virus had verloren !!!
Dat iedereen SAMEN had gewonnen !!!
En toen ging iedereen de straat op … .
Met tranen in de ogen … .
Zonder maskers en handschoenen … .
De buurman werd geknuffeld, alsof hij een broer was.
En de wereld was mooier en liefdevoller geworden.
En de mensen waren humaner geworden.
En ze hadden weer waarden en normen.
De harten van mensen waren weer open, en dat had positieve gevolgen.
Doordat alles stil had gestaan kon de aarde weer ademen,
ook zij was genezen van wat de mensen háár veel eerder hadden aangedaan.

En toen kwam de zomer … .
Omdat de lente het niet wist …
En hij was er nog steeds.
Ondanks alles.
Ondanks het virus.
Ondanks de angst.
Ondanks de dood.

Omdat de lente het niet wist,
leerde iedereen
de kracht van het leven … .

Susan Blanco

‘Geïnspireerd door mensen’

Tenslotte: Pas goed op jezelf en op elkaar.
Mede namens pastor Paul: Graag tot volgende week.
pastor Jan van Beek

Bergum

Burgum

Dokkum

Dokkum

schiermonnikoog

Schiermonnikoog

Newreader

Inhoudsopgave